Juli 2026 laat zien dat de energiemarkt opnieuw sterk wordt bepaald door geopolitieke risico’s. De escalatie tussen de VS en Iran en de beperkte doorvaart door de Straat van Hormuz zorgden voor hogere olie- en gasprijzen. Vooral kortlopende gas- en elektriciteitscontracten reageerden sterk, terwijl verder vooruit gelegen contracten minder hard opliepen.
Tegelijkertijd blijven de Europese gasvoorraden achter bij eerdere jaren. Het huidige prijsverschil tussen zomer- en wintergas biedt onvoldoende financiële prikkel om snel te vullen. Wanneer Europa later in de zomer alsnog grotere hoeveelheden LNG moet aantrekken, kan dit nieuwe prijsdruk opleveren.
Op de elektriciteitsmarkt blijven de verschillen tussen uren groot. Veel zon en wind kunnen overdag lage of negatieve prijzen veroorzaken, terwijl warmte, een afnemende zonneproductie en beperkte Franse kernenergie in de avond juist tot hogere prijzen leiden.
Voor grootzakelijke energieverbruikers blijft het daarom belangrijk om de inkoopstrategie niet uitsluitend te baseren op het actuele prijsniveau. De spreiding van inkoopmomenten, de gewenste mate van prijszekerheid en de flexibiliteit in het verbruik zijn in deze markt minstens zo belangrijk.
De wereldeconomie liet aan het begin van juli enkele voorzichtige tekenen van herstel zien. Dalende olieprijzen en een lager dan verwachte inflatie in de eurozone zorgden tijdelijk voor meer vertrouwen. De inflatie in de eurozone daalde in juni van 3,2% naar 2,8%, waardoor marktpartijen minder renteverhogingen van de Europese Centrale Bank verwachtten.
Dit positievere sentiment bleek echter kwetsbaar. De aanhoudende confrontatie tussen de VS en Iran zorgde opnieuw voor onzekerheid over energieaanvoer, internationale handel en economische groei.